Wie is Online

  • 2 gebruikers
  • 17 gasten
  • Inloggen



    Welkom op website van de Hersteld Hervormde Gemeente te Vriezenveen.


    Kerkgebouw

    Beth-El kerk Vriezenveen

     
    Overdenking E-mail

    “In het huis Mijns Vaders zijn vele woningen”


    Johannes 14 : 2a


    De Heere Jezus is met Zijn discipelen aan de Avondmaalstafel. Het zal niet

    lang meer duren of de Heiland zal sterven. Het is zeker waar dat Hij daarna

    zal opstaan uit de doden. Voor de discipelen komt er echter een einde aan

    een periode van drie jaren, waarin zij in de directe nabijheid van hun

    Meester mochten verkeren. Na de Paasmorgen zal Hij nog wel aan hen

    verschijnen, maar na veertig dagen zal Hij opvaren ten hemel.

    Christus’ werk op aarde zal weldra volbracht zijn, maar Zijn

    Middelaarswerk zal Hij in de hemel voortzetten. Daar zal Hij ook alles in

    gereedheid brengen voor de Zijnen, opdat zij eens mogen zijn waar Hij is.

    Eerst zal Christus lijden, sterven en opstaan ten derden dage, om zo de

    afgesloten weg naar de hemel door Zijn eigen vlees te openen. Daarna zal

    Hij in de hemel plaats bereiden, om op Zijn tijd en wijze, al de Zijnen tot

    Zich te nemen. De discipelen die deze woorden als eersten gehoord

    hebben, mogen nu daadwerkelijk met Christus in het Huis Zijns Vader

    verkeren. Ook vele anderen mochten inmiddels ingaan. Toch zijn nog niet

    alle woningen bewoond. Weldra zal echter de laatste woning in

    gereedheid gebracht worden. Dan duurt het geen ogenblik meer of

    Christus komt weder om de Zijnen, die dan nog op aarde zijn, tot Zich te

    nemen. Niet één van de uitverkorenen van de Vader zal er gemist worden.

    De Heiland spreekt over vele woningen. Niemand zal de schare die daar

    woont kunnen tellen. Toch is het getal van degenen die er niet zullen zijn,

    vele malen groter dan het getal van degenen die er wel mogen zijn. Er

    zullen er niet zijn, waarvan mensen aanvankelijk verwacht hadden dat zij

    er wel zouden zijn. In Johannes 13 wordt de naam van Judas genoemd, als

    één van degenen die met Christus aan tafel hebben gezeten. In het

    Vaderhuis is hij echter nimmer gekomen. Ik schrijf dit opdat een ieder

    zichzelf zal onderzoeken of Christus ons Deel mag zijn. De Heere zegt in

    Zijn Woord dat wij ons moeten benaarstigen om in te gaan. Wedergeboorte

    is nodig, kennis van zonde en kennis van genade. Om al deze zaken wil de

    Heere gebeden zijn. In al deze zaken komt de Heere Zelf de Zijnen te

    onderwijzen door Zijn Woord en Geest. Degenen die (eens) ingaan in het

    Vaderhuis, hebben ook Gods Huis op aarde lief gekregen. Dat is de plaats

    waar de Heere Zijn volk bijeenvergadert onder de prediking van recht en

    genade. Dat is de plaats waar de Heere Zich openbaart aan de Zijnen. De

    Psalmen zingen daarom van de liefde tot Gods Huis. ”Hoe branden mijn

    genegenheên, om ’s Heeren voorhof in te treên!” Kent u dat verlangen ook?

    Ten diepste is het een verlangen om nabij God te wezen. Wie dat in

    waarheid kent zal ook eens in het Vaderhuis met de vele woningen mogen

    zijn. Wie dat verlangen mist, zal er echter niet kunnen zijn. Er is er Eén Die

    dit verlangen wil werken en ook versterken. Dat is de Heere Zelf. Eens zal

    voor de Kerk dat verlangen volkomen in vervulling gaan. Dan mogen zij

    ingaan in de rust die overblijft voor degenen die de Heere vrezen. Zal dat

    ook voor u gelden?


    ds. IJ.R.Bijl

    alt


     
    Hersteld Hervormde Gemeente Vriezenveen